Onderzoek naar een mogelijke spierziekte omvat vrijwel altijd een bloedonderzoek. Belangrijk is de
bepaling van de hoeveelheid creatine kinase (CK) in het bloed. Het enzym creatine kinase speelt een rol in de
energievoorziening van de spier. Bij veel spierziekten raken spiervezels beschadigd, waardoor de creatine
kinase in grote hoeveelheden in het bloed komt. De bepaling van ck is eenvoudig en wordt veel toegepast.
Er zijn echter veel spierziekten die geen verhoogd ck te zien geven. Aan de andere kant kan bijvoorbeeld
een kneuzing door een val ook een verhoogd ck in het bloed te zien geven. Wanneer echter over een langere
periode veel ck in het bloed aanwezig is, dan is dit een teken dat de spieren zijn aangedaan.
Bloed wordt ook gebruikt voor erfelijkheidsonderzoek. De arts zal dan vermoeden dat er sprake is van een
erfelijk ziekte, bijvoorbeeld omdat een bepaalde ziekte in de familie voorkomt. Ook moet de erfelijke fout
die samenhangt met de spierziekte bekend zijn. Dat geldt overigens voor steeds meer spierziekten. Een
voordeel van dit erfelijkheidsonderzoek is, dat geen pijnlijke andere onderzoeken nodig zijn om de diagnose
vast te stellen. Via dit bloedonderzoek kan een diagnose in de regel met vrij grote zekerheid gesteld
worden. Terug
|