Alweer internationale contacten bij RDCN Barcelona

24 februari 2026 Diagnosewerkgroep Myasthenieën, Johan Voerman

Van 15 tot en met 17 oktober 2025 was de bijeenkomst van Rare Disease Connect in Neurology (RDCN) in Barcelona. Het was de vijfde keer dat deze bijeenkomst werd gehouden en de derde keer dat Johan Voerman er namens de diagnosewerkgroep Myasthenieën van Spierziekten Nederland bij was. Hieronder zijn verslag van het evenement.

RDCN wordt door farmaceutisch bedrijf UCB georganiseerd, en is erop gericht de kennis over myasthenia gravis (MG) bij artsen, verpleegkundigen en apothekers te vergroten. De laatste jaren is de inbreng van patiënten op deze bijeenkomsten steeds groter geworden.

Net als de vorige keer in Amsterdam, was de dag voor het officiële begin van RDCN helemaal gereserveerd voor de patiëntenorganisaties. We waren die woensdag met 21 afgevaardigden uit zeventien landen. Deze keer waren Australië en Hongarije er voor het eerst bij. Na het eerste kennismakingsrondje kregen zij de gelegenheid wat uitgebreider over het werk in hun land te vertellen. Lut Allard, voorzitter van EuMGA, de Europese vereniging van myasthenie-verenigingen, presenteerde de doelen van EuMGA en alles wat daarvan tot nu toe is bereikt.

Internationale richtlijnen

Professor Sarah Hoffmann vertelde over de internationale richtlijnen voor de diagnose en behandeling van MG. Ze had zich vooral gericht op de richtlijnen uit Duitsland, Japan, Amerika en het Verenigd Koninkrijk en ze constateerde (logischerwijze) dat de richtlijnen allemaal behoorlijk overeenkomen. Er zijn af en toe wat lokale verschillen, maar er kan rustig gesteld worden dat in al die landen de werkwijze gelijk is. Dat geldt overigens ook voor Nederland. Onze richtlijn Deze link opent in een nieuw tabblad heeft in maart 2025 de laatste update gekregen. Aardig detail: de Duitse richtlijn heeft een samenvatting in lekentaal. We hebben intussen overlegd met onze medisch adviseurs en dr. Martijn Tannemaat heeft een samenvatting van de Nederlandse richtlijn gemaakt.

Samenvatting van Nederlandse richtlijn

Wat is Myasthenia Gravis (MG)?
MG is een auto-immuunziekte waarbij uw eigen afweersysteem de communicatie tussen zenuwen en spieren verstoort.

  • Kenmerkende klachten: De spierzwakte schommelt vaak; het verergert door inspanning en verbetert als u rust neemt.
  • Veelvoorkomende symptomen: Dit zijn vaak hangende oogleden, dubbelzien, een nasale stem en problemen met kauwen en slikken. Soms raakt het ook de armen, benen of ademhalingsspieren.
  • Verschillende types: Bij het grootste deel van de patiënten (ongeveer 85% van de gegeneraliseerde vorm) vinden artsen zogeheten AChR-antistoffen. Een andere variant wordt veroorzaakt door MuSK-antistoffen, wat vaker voorkomt bij vrouwen en vaak klachten geeft in de nek, schouders of met slikken. Bij oculaire MG (waarbij alleen de ogen zijn aangedaan) worden in ongeveer 50% van de gevallen helemaal geen antistoffen gevonden in het bloed (seronegatief).

Hoe stelt de arts de diagnose?
Om met zekerheid vast te stellen of u MG heeft, gebruikt de arts verschillende methoden:

  • Bloedonderzoek: Er wordt gezocht naar de bovengenoemde AChR- of MuSK-antistoffen.
  • Spier- en zenuwonderzoek (EMG): Door de zenuwen kleine stroomstootjes te geven, meet men of de spier vermoeid raakt. Een meer gedetailleerde test is het ‘single fiber EMG’.
  • Medicijntesten: Soms spuit men een testmedicijn in (neostigmine) of legt men een ijsblokje op een hangend ooglid om te kijken of de klachten direct verbeteren.
  • Scans: Bij de algemene (gegeneraliseerde) vorm van MG krijgt u een CT- of MRI-scan van de borstkas. Dit is om te kijken of er sprake is van een vergrote zwezerik (thymus) of een tumor in de zwezerik (thymoom). Soms wordt ook een MRI van de hersenen gemaakt om andere aandoeningen uit te sluiten.

Welke behandelingen zijn er?
De behandeling bestaat vaak uit een stappenplan en is maatwerk.

  • Symptoombestrijding: Medicijnen zoals pyridostigmine (Mestinon) verbeteren de spierkracht tijdelijk, vaak al binnen een half uur tot een uur. Ongeveer de helft van de patiënten heeft hier genoeg aan. Een bekende bijwerking is darmkrampen of diarree.
  • Thymectomie (operatie): Dit is het chirurgisch verwijderen van de zwezerik. Het wordt altijd gedaan als er een thymoom (tumor) is. Daarnaast wordt het geadviseerd voor patiënten tussen de 5 en 50 jaar met AChR-antistoffen die korter dan 5 jaar ziek zijn. Patiënten met MuSK-MG hebben hier géén baat bij.
  • Afweeronderdrukkende medicijnen: Om uw immuunsysteem tot rust te brengen, wordt vaak gestart met corticosteroïden zoals prednisolon. Dit moet uiteindelijk heel langzaam worden afgebouwd volgens een schema.
  • Lange termijn afweerremmers: Om het gebruik van prednisolon te kunnen verminderen, start men vaak met middelen zoals mycofenolaatmofetil (Cellcept) of azathioprine. Het kan wel maanden duren voordat deze middelen goed beginnen te werken.
  • Nieuwe behandelingen: Voor patiënten die niet goed reageren op de standaardmedicatie, zijn er nieuwe opties bijgekomen, zoals complementremmers (bijv. eculizumab of zilucoplan) en FcRn-blokkers (bijv. efgartigimod).

Wat te doen bij snelle verslechtering?
Bij een snelle, ernstige toename van spierzwakte (vooral als u kortademig wordt of problemen krijgt met slikken) is direct ingrijpen nodig.

  • Vaak is een opname in het ziekenhuis (soms de Intensive Care) vereist voor veilige bewaking van de ademhaling.
  • U krijgt dan vaak een snelle behandeling om de ziekmakende antistoffen uit uw bloed te filteren via plasmaferese, of u krijgt gezonde antistoffen via een infuus toegediend (IVIg).

Belangrijke zaken in het dagelijks leven

  • Medicatie van andere artsen: Veel alledaagse medicijnen, zoals bepaalde antibiotica en hartmedicatie, kunnen de MG verergeren. Geef daarom altijd aan elke arts of apotheker door dat u MG heeft.
  • Vaccinaties: De jaarlijkse griepprik wordt aangeraden. Wees wel alert met zogenaamde ‘levend verzwakte’ vaccins, zeker als u afweeronderdrukkers slikt. Voordat u met zware afweeronderdrukkers begint, kijkt de arts met een vragenlijst of er nog inentingen of onderzoeken nodig zijn.
  • Bewegen: Regelmatig bewegen is goed en helpt bij de spierkracht en kwaliteit van leven, mits uw spierzwakte dit toelaat.

Zwangerschap en Baby’s

  • Zwangerschapswens: Bespreek dit zo vroeg mogelijk met uw arts. Sommige medicijnen, met name mycofenolaatmofetil (Cellcept) en methotrexaat, zijn erg gevaarlijk voor de baby en mogen absoluut niet gebruikt worden.
  • Tijdens de zwangerschap: Het effect van de zwangerschap op de MG is wisselend; klachten kunnen beter, slechter, of gelijk blijven. De meeste zwangerschappen verlopen gelukkig zonder zware complicaties.
  • De pasgeboren baby: Bij 10 tot 20% van de baby’s treedt tijdelijke spierzwakte (neonatale myasthenie) op omdat uw antistoffen via de placenta zijn overgedragen. Meestal herstelt dit vanzelf binnen enkele weken. De arts zal uw kindje de eerste 48 tot 72 uur na de geboorte extra controleren.
  • Borstvoeding: MG is geen reden om geen borstvoeding te geven, dit mag in de meeste gevallen gewoon.

Op donderdag werden alle 250 deelnemers enthousiast welkom geheten door Vivienne Parry, de vaste host van de afgelopen jaren. De aanwezige artsen e.d. waren afkomstig uit een groot aantal landen, met deze keer een grote delegatie uit Japan en voor het eerst afgevaardigden uit Saoedi Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten.

Digitale dokter

Dr. Ashwin Pinto (VK) gaf vervolgens een inleiding over de digitale dokter, oftewel de toepassingen van kunstmatige intelligentie (AI) in de diagnose en behandeling van MG. Dat kan o.a. door middel van “ambient voice technology”. Daarbij wordt het consult in de spreekkamer opgenomen en maakt AI daar een verslag van dat in het patiëntendossier kan worden opgenomen.

Hij verwees ook naar de presentatie over het CAPTURE-MG onderzoek van dr. Tannemaat later die dag (zie het verslag over dat onderzoek in onze vorige nieuwsbrief). Dit zou kunnen leiden tot een vorm van continue monitoring die ‘real time’ klinische beslissingen zou kunnen ondersteunen.

Discussie rol verpleegkundigen

We hadden ook een interessante discussie over de rol van verpleegkundigen bij de onderzoeken in de polikliniek. In een aantal landen zijn er (op zeer beperkte schaal) gespecialiseerde verpleegkundigen in de MG-expertisecentra. In het LUMC is ook zo’n gespecialiseerde verpleegkundige werkzaam, en ook in andere academische centra zijn verpleegkundigen werkzaam die in spierziekten gespecialiseerd zijn.

Verwijzingsuitdagingen

En we discussieerden over ‘referral challenges’, oftewel verwijzingsuitdagingen. Veel mensen hebben slechte ervaringen in de periode voordat de diagnose gesteld wordt. Als ik collega’s uit andere landen spreek, hoor ik ik steeds de klacht dat het voor veel te veel mensen veel te lang duurt voordat ze eindelijk de juiste diagnose krijgen en met een behandeling kunnen beginnen. En dat zou dan (mede) te maken hebben met de gebrekkige opleiding van huisartsen en neurologen. Ik heb niet de indruk dat dit ook geldt voor Nederland, maar als er andere ervaringen zijn, dan hoor ik die ook graag.

‘Rethinking MG’

Op vrijdag kregen we nog een presentatie over het project ‘Rethinking MG’. Dat is opgezet door de farmaceutische bedrijven UCB en Alexion en het wordt uitgevoerd door de European Brain Council, de universiteit van Pisa, EuMGA en patiëntenorganisaties uit Duitsland, Polen, Frankrijk en Italië. En ook de werkgroep neuromusculaire ziekten van het Europese referentienetwerk (ERN) zeldzame ziekten is erbij betrokken. Het project heeft heel ambitieuze doelstellingen, zoals ‘het wegnemen van de obstakels tegen de toegang tot optimale zorg’ en er ligt veel nadruk op de sociaaleconomische gevolgen voor patiënten (en de maatschappij) van MG. Het is de bedoeling dat de eerste resultaten in juni 2026 gepubliceerd worden. Het is nog niet bekend of het rapport (of de samenvatting) in het Nederlands vertaald gaat worden.

Posters onderzoeksresultaten

We konden als patiënten ook nog kort een blik werpen op een aantal posters die door deelnemers waren ingebracht en waarop de resultaten van verschillende soorten onderzoeken werden gepresenteerd. Er was er een waaraan ook professor Jan Verschuuren had meegewerkt. Die ging over het opzetten van een Europees register. Er zijn in diverse landen al registers en die zijn allemaal net even anders van opzet, met als gevolg dat de inhoud niet goed te vergelijken is, laat staan samen te voegen tot één groot register. En dat laatste wordt nu nagestreefd. We zijn benieuwd!

Zijn we goed bezig?

En zo kwam er een eind aan ruim tweeënhalve dag luisteren, praten en discussiëren over diagnose en behandeling van MG. En ondanks dat er niet veel nieuws was, heeft het er allemaal wel voor gezorgd dat ik een aantal punten op een rijtje gezet heb waarover we als werkgroep gaan praten met zowel onze medisch adviseurs uit het LUMC, als met het management van Spierziekten Nederland. Dat is vooral bedoeld om te bezien of we, na vijftig jaar, als werkgroep nog goed bezig zijn en of we dus de belangen van iedereen met MG of LEMS voldoende behartigen.

Als er wat jullie betreft nog zaken zijn die anders moeten of waaraan we meer aandacht zouden moeten geven, dan horen we dat graag. Laat het ons weten via myasthenie@kader.spierziekten.nl.

Op de foto de vertegenwoordigers van de patiëntenorganisaties (foto: DRPG Group)

 

 

Laatste nieuws en ontwikkelingen

Terug naar het overzicht